Spring naar inhoud

Categorie: Gedichten

Zinderen

waanzinnig onzinnige zinnetjes
verzetten de zinnen, bezinnen innerlijk
in weerzin,
weigeren eigenzinnig
zich in te binden,
minnelijk te inflecteren
richting dit minstens enigszins
inschikkelijk inrichten
van iets zinnigs
een gedicht, geenszins als wat enkel
de simpele ziel
wist te verzinnen

Weten

ongestelde vragen
vragen om begrip
gerustgesteld
door het antwoord
van de glinstering
één kort ogenblik

Eindig

kleine passen slepen huiswaarts
dwars door velden vol vertier
over lege laatste loodjes
tot aan precies hier

Sip

je drupt ook weer, in deze lange nacht vol open ogen tussen diepe zuchten steeds zacht op mijn brakke lekke dak,
irritant en rustgevend tegelijk
loop jij in lange lome banen langs dit vege versleten rimpelige lijf, als loze tranen of doffe parels vol angst,
koud en verfrissend eveneens
verdwijn je dan plompverloren met een plons snel weg in de verborgen diepten waar ik gelukkig met of zonder wie dan ook nog nooit was, op vage laffe afstand gehuld in de zwavelige dampen van het ontwijken zoals ik je jouw nu eenmaal ken
en rode ogen beide tenten sluiten

Dicht

zacht spijkert zij denken
aan gescherpte nagels
op een magisch rijtje
hervonden woorden
wenken verlegen
steeds dichterbij
waarheid nadert
lacht onbegrepen
sleept haar teder
aan haar haren
streelt de twijfel
laat denken vrij

Perdefect

ik voel wel hoe je naar mij kijkt
pedant, alsof jij niets mankeert
met jouw perfecte veren prijkt
ik voel wel hoe je naar me kijkt
terwijl afwijkend nu juist verrijkt
voelt aberrant zijn nooit verkeerd
ik voel wel hoe je naar mij kijkt
pedant, alsof jij niets mankeert

Waakgaap

dagen draaien door in deze nacht
waar teveel vragen mij bejagen
ik ooit de waarheid nog verwacht
dagen draaien door in deze nacht
ik hoor weer hoe je schamper lacht
jij die je zo zwaar wist te misdragen
dagen draaien door in deze nacht
waar teveel vragen mij bejagen