Nooit anders

zullen we het ooit anders doen
of blijft het de storm tussen stiltes
en is dit het oog waar we nu wonen
om weer even op adem te komen
om weer te voelen, te weten
te weten van dit fijn dichtbij
weet je lief, wij zijn de wind
wij zijn een eb en vloed
wij zijn de dagen, maar dan
zonder een voorbij
en wij leven onze jaren
met de handen om het hart
met een hart dat al gebroken was
voordat we wisten van dit wij
ik draag je scherven, jij mijn zacht
en dat doen we, of het nu blijft of gaat

Warm

onder grijze waas ruikt deze dag
naar roomboter en hagelslag
duimdik op vers geroosterd brood
het is een zoet verlang naar al je warm
vol van klam en huid waaraan ik kleef
waar liefde dampt vanuit de buik
lust schudt onder schouderblad
in ons beider zweet zwemt
de vijver van jouw navel
waar we luid in elkaar opgaan
tussen kruimels op de tafel

Gemaan

onder de zesde maan na jou gezeten
berg ik de laatste resten op
onder mooi geweest
een dood destijds

en het is vooral dat hele kleine
en het voelt nog altijd warm
en ik kan je dichtbij ruiken
en het is net alsof het blijft
en ik kan het schrijven op je huid
en groet alle sproeten
en streel je wangen zacht
en zie je ogen in de mijne

onder de zesde maan gezeten
na jou – hier stil en samen zwijgen
poets ik die laatste resten op
en laat ze schijnen

Dat je weet

weet je, lieve jij,
waar ik aan denk vaak
zo deze afgelopen dagen

aan jij hoe dapper lange dagen draagt
met je dromen stil de tijd vertraagt
met de verbeelding die vanbinnen raakt

is het dat blad op het bevroren pad
de kat die zich warmt aan je hand
de zin waarin je steeds verdwaalt
of de zachte mist waarin je staart

en tel je net als ik doe af
met sprongen door de wilde nacht
slinger je ook dwars door vragen
over hoe wij ruikt en
of het zoet zal smaken

nu weet je, lieve jij
waar ik aan denk vaak
zo deze afgelopen dagen

Ondertussen

tussen alles wat ik denk, draag, schrijf en vraag
liggen al de bloederige reepjes wij

te drogen onder een grote oude scheve schemerlamp

eronder is het er eigeel, handwarm en aangenaam

niet de klamme hand van lange zomerdagen, maar eerder één
van tintelende vingertoppen op een eerste februari-dag
en dat dan vlak nadat je binnenkomt

na net te lang buiten te zijn verbleven
in je veel te dunne versleten jas
de koffie alvast zacht wenkt vanuit de pot
met babyarmpjes waterdamp

error: De inhoud is beschermd !!