Spring naar inhoud

Maand: december 2020

Sterven

kilte vult beide kamers
van de motor der liefde
klopt nog, diep verscholen
onder oude lappen levensles
bekrast, verscheurd, bevlekt
met roekeloze avonturen
verrookt en verdronken
in laveloze avonduren

tot enkel nog schimmen
van verleden overbleven
dit hart hier nu zo versleten
geheel tevreden traag afgegleden
langst de gladde scheve treden
van een zeker sterven

Gemist

De dag zwijgt nog even
bekijkt me kil, ietwat onwaar
in vergrijsde halve kleuren

stuurt gedachten daar
waar je zo wordt gemist,
in wie jij voor mij blijft

Ragnar

Ragnar dacht aan de zorgeloze tijd van kind zijn. Lange dagen bestonden daar zonder einde en slechts gevuld met liefde en plezier.

Rennen langs het ijskoude water van de fjord waar een schaterlach wel vier keer te horen wat. Waar en waarom was hij zijn kind zijn verloren?

Was dit weggespoeld met al het bloed wat vloeide in een zucht naar roem een rijkdom waar de dood en geweld als dagelijks brood werd verslonden?

Een buizerd hoog boven hem schreeuwde bevestigend en stortte zich op een zeker sterven.

Stuk

kracht bleek zo verloren
in teveel stukken, overal
lag ik in een donker mij
dwars door wat ik was

jij mij langzaam lijmde
liet zien wat jij wel zag
naast mij zat in stilte
we jankten tot de lach

dwars door scherven
breekt het harde zwart
komt levenslust terug
liefde warmt mijn hart

Klein

bleef je maar zoals je hier was
al ben je echt zo prachtig nu
echt mens voelde ik me pas
met jouw hoofd in mijn hand

jouw ogen in vertrouwen dicht
schrok jij van het werelds licht
en voelde je vader nerveus zijn
kleine vingers vonden de mijne

December

in het laatste hoofdstuk alsnog
even listig twisten met het plot
dan, die allerlaatste lettergreep
in haar greep gehouden tot
aan we weten wat nu volgt
ons werkelijk zijn straks wordt
is het weer de lauwe afstand
achter plakkende lappen stof

of de zozeer gemiste warmte
van jouw heel dichtbij mij zijn

Eigen weg

Leef jij gewoon jouw leven maar
dan trek ik hier ook mijn eigen spoor
waar we ooit eens deelden met elkaar
gaan we nu alsnog alleenzaam door

Geef

heb je nog wat liefs voor mij
of is er niets meer te geven
een aai over bol of por in zij
is genoeg om voort te leven

Eenzaam

vandaag voel ik mij teer en klein
kruip het liefst stil onder de bank
verloren in verdorde snippers pijn
dwars door glimlach, zonneschijn
dringen donkere wolken kind zijn
verlangend naar een grote arm
over het eenzaam heen geslagen
warm zwijgend, nooit meer bang

Maatje

hier blijf jij altijd naast mij lopen
nu nooit meer op mijn schoot gekropen
die ziekte besloot ook jou te slopen
blijf ik op een volgend rondje hopen