Voetzeer

kom eens terug
terug op je tenen
tenen vol blaren
blaren van spijt
spijt van de daden
daden die staken
staken wij strijden
strijden bracht lijden
leidden ons einde
einde gaf tijd
tijd weer terug
terug op je tenen

Ragnar

Ragnar had zijn oude schuit toch maar verkocht en besloot hem zelf te vergezellen op weg naar de nieuwe schipper.
Een soort van laatste eer voor al het gegeven plezier in de voorbije jaren.
Hij zag zo nog voor zich hoe zijn zoon zelf wilde roeien terwijl dochterlief zich door de zomerzon liet bruinen op het achterdek.
De hond druk blaffend op de punt naar alles wat bewoog. Zij nam eigenwijs al het uitzicht voor haar rekening onderweg naar het nog ongeschreven leven.